Schenk- en erfbelasting: een nieuwe melkkoe voor de overheid?

Eerlijk gezegd: die kans is niet heel erg groot. Deze belasting levert namelijk slechts € 3-4 miljard per jaar aan inkomsten op voor de staat. Dat is een schijntje, vergeleken met andere belastingen. De begroting is ongeveer € 430 miljard. Maar toch ….

Jarenlang kon je overal lezen dat de erfbelasting de meest gehate belasting in Nederland is. Want over vermogen waar al belasting over betaald is, moet bij overlijden nogmaals belasting worden betaald. En dat vinden veel mensen niet leuk. Althans, dat was de veronderstelling.

Uit onderzoek van het CPB is inmiddels gebleken dat het met die aversie wel meevalt. Het ligt kennelijk wel gevoelig maar er lijkt brede steun te zijn voor een hogere belasting bij grote erfenissen. Daarmee lijkt de opmaat gegeven om de tarieven te gaan verhogen. Zal dat ook gaan gebeuren? Ik sluit het bepaald niet uit. In Den Haag kan men namelijk wel wat extra geld gebruiken.

Tot en met 2009 hadden we zeven schijven met een tarief oplopend van 5% tot 27% (voor niet-kinderen kon dit oplopen van 41 tot 68%!). Inmiddels is dat vervangen door een twee schijvenstelsel met tarieven voor verkrijging door kinderen van hun ouders van 10% en 20% (voor overige verkrijgers 30-40%). De tarieven zijn dus aanzienlijk verlaagd in de laatste decennia en de vrijstellingen zijn (vooral door inflatie) fors verhoogd. Bovendien hebben we tegenwoordig een best wel riante bedrijfsopvolgingsfaciliteit. Daar wordt in de estate planningspraktijk natuurlijk optimaal gebruik van gemaakt. Dus als het verschil in tarief met oudere jaren, de geldnood in Den Haag en de publieke opinie in ogenschouw worden genomen, is een verhoging van het tarief niet een heel gekke gedachte.

Daarnaast is in een Kamerbrief van 12 januari 2026 aangekondigd dat diverse forfaits en regelingen in de schenk- en erfbelasting aan modernisering toe zijn. Denk met name aan de tabellen voor de levensverwachting bij vruchtgebruiken en periodieke uitkeringen die afhankelijk zijn van één of meerdere levens. Die zijn sinds 1980 niet meer aangepast, terwijl de levensverwachting is toegenomen en de marktrente is gedaald. Dit speelt met name bij schuldigerkenning uit vrijgevigheid via notariële akte en vorderingen bij de verdeling van een nalatenschap. Daar geldt nu dat verplicht 6% (samengestelde) rente over de schuld in aanmerking moet worden genomen. Die jaarlijkse rentebetaling zorgt in feite ook al voor een stuk vermogensoverheveling (zeker bij grotere bedragen) en door zorgvuldige estate planning kan de nalatenschap bij een tweede overlijden aanzienlijk worden uitgehold door genoemde rentebepaling. En dat terwijl in de inkomstenbelasting hetzelfde forfait 4% bedraagt. In 2010 is er nog bewust voor gekozen om dit niet gelijk te trekken. Maar nu staat het weer prominent op de agenda.

Bij het Belastingplan 2027 zal dit nader geconcretiseerd worden en de ingangsdatum kan nog wel na 2028 liggen. We moeten dus nog heel even wachten voor er meer duidelijkheid komt. Maar voor diegenen die bang zijn dat per direct een verslechtering zal optreden, is het devies om nog snel actie te ondernemen. Misschien aardig om daarover direct na de vakantie na te denken.

De adviseurs van Full Finance Consultants denken graag met jullie mee. Neem bij vragen contact op met 055 – 355 99 79 of mail naar secretariaat@fullfinance.nl.

Bert Driessen

Publicatiedatum: 24 augustus 2026