Bij het schrijven van mijn laatste bericht in de nieuwsbrief van Full Finance kan ik het niet laten om een tekst uit een van mijn favoriete Bijbelboeken te citeren (Pred. 1 vers 9).
Want inderdaad, na meer dan 40 jaar in het vak beziggeweest te zijn is het tijd om afscheid te nemen. In die veertig jaar is er een hoop langsgekomen. Wijzigingen in regelgeving, techniek, het vak van accountant, kritiek op accountants en diverse crises.
Klopt de spreuk in de aanhef dan wel? Mijn waarneming in die veertig jaar is dat er absoluut een waarheid zit in deze spreuk. Wat zeker verandert is de verschijningsvorm maar vaak is dat alleen maar een ander jasje.
Een paar voorbeelden:
We zijn helemaal gewend aan het boodschappen bestellen per internet en die te laten bezorgen. Dat lijkt nieuw maar mijn moeder vulde vroeger een boodschappenboekje in dat werd opgehaald door de kruidenier die netjes na een paar dagen de boodschappen kwam bezorgen. Het gaat nu sneller. Maar wat is het echte verschil?
Werken in de cloud op virtuele machines? Toegegeven, 40 jaar geleden kende ik dat nog niet. Maar 30 jaar geleden werkten we al op kantoor met chromebook-achtige machines op een server met virtuele werkplekken.
En de huidige energiecrisis? Toen ik begon met werken was er de oliecrisis met rantsoenering van benzine. Ook toen door een oorlog. En ook toen moesten er verklaringen worden afgegeven. Bij de aanvraag van vergunningen om als ondernemer toch te mogen rijden.
En klachten over het werk van accountants? In de verzameling krantenknipsels van mijn vader kwam ik een artikel tegen uit 1965 met kritiek op het werk van accountants (met bijpassende maatregelen van de overheid). Met als argument dat jaarrekeningen vaak te laat werden opgeleverd waardoor geen goede bedrijfseconomische adviezen konden worden gegeven.

Is deze spreuk nu een moedeloze of een opbeurende constatering? Daar worstel(de) ik ook wel eens mee.
Met mijn leeftijd is het opbeurende ongetwijfeld dat door deze constatering ervaring telt. Daar kun je van leren. En je kunt die ervaring steeds blijven gebruiken ook al is de verschijningsvorm van het probleem wellicht anders. En het leert je het belang van wat je doet te relativeren.
De moedeloze constatering lijkt dat er uiteindelijk in de uitdagingen niet zo veel verandert, ook al proberen we met elkaar om het vak te verbeteren. Hebben idealen dan wel zin?
En wat is mijn uitkomst van deze worsteling? Uiteindelijk dat het een geruststellende spreuk is. Na al zijn overdenkingen en observaties is de conclusie van de schrijver van het boek dat, als er niets nieuws onder de zon is, het beste wat je kunt doen is genieten van de goede dingen die dagelijks op je af komen.
Dat heb ik in mijn werk bij Full Finance kunnen doen en dat ben ik zeker ook van plan na mijn pensioendatum.
Het ga u goed en mijn laatste advies? Geniet ervan!
Gert van den Brink