Dit lijkt misschien een wat vreemde vraag, maar er kan wel degelijk een fiscaal belang zijn en weet dat er discussie kan ontstaan met de belastingdienst.
In de praktijk komt het regelmatig voor dat de langstlevende ouder een schuld heeft aan één of meerdere kinderen na het overlijden van een partner. Die schuld is meestal pas opeisbaar bij het overlijden van de langstlevende, of enkele specifiek in een testament genoemde omstandigheden (zoals opname in een verzorgingstehuis oid). Maar wat nu als een kind geld nodig heeft en de ouder besluit om eerder de schuld te voldoen. Is dat dan een schenking?
Daarover heeft de belastingdienst op 18 maart 2026 via het Forum Fiscaal Dienstverleners een standpunt gepubliceerd. Dat luidt dat de aflossing van de schuld in principe geen gift is. Echter, men vindt wel dat dan de omvang van de verplichting contant gemaakt moet worden. Immers, een schuld die pas over x jaar voldaan hoeft te worden, is vanuit economisch perspectief minder waard dan een schuld die nu al moet worden voldaan. Als dan toch het nominale bedrag wordt afgelost, is het standpunt van de belastingdienst dat dit een belaste schenking vormt.
Maar hoe bepaal je dan de waarde? Dat is nog niet zo eenvoudig. Ook daarvoor wordt een handvat gegeven. De contante waarde van een overbedelingsschuld wordt vastgesteld via de marktwaardemethode. Omdat er geen markt bestaat voor overbedelingsschulden, accepteert de Belastingdienst het gebruik van de marktrente uit artikel 38p van de Wet op de loonbelasting 1964. Deze rente is openbaar en wordt jaarlijks aangepast.
Voorbeeld berekening contante waarde (conform voorbeeld belastingdienst)
Een ouder (71 jaar) heeft een renteloze overbedelingsschuld van € 100.000.
• Marktrente: 3%
• Resterende levensverwachting: 15 jaar
• Contante waarde: € 100.000 / (1,03)^15 = € 64.186
Aflossing boven dit bedrag wordt aangemerkt als schenking: de ouder betaalt meer aan het kind dan de contante waarde van de vordering.
Er zal dan dus aangifte schenkbelasting van de schenking moeten worden gedaan. En daarvoor heeft de Successiewet specifieke waarderingsvoorschriften waarbij wordt afgeweken van het hiervoor genoemde bedrag aan waarde.
Hoe wordt de schenking voor de schenkbelasting vastgesteld?
Bij schulden met minder dan 6% samengestelde rente heeft de ouder een (fictief) vruchtgebruik over de schuld. Bij vervroegde aflossing geeft de ouder dit vruchtgebruik prijs, waardoor sprake is van een schenking.
Uitwerking van het voorbeeld
De hoogte van die schenking volgt uit de vruchtgebruiktabellen van de Successiewet.
• Leeftijd ouder: 71 jaar
• Vruchtgebruik volgens de tabellen: 42%
• Vruchtgebruik op schuld van € 100.000: € 42.000
• Blote eigendom: € 58.000
Als de ouder de volledige schuld van € 100.000 aflost voor € 90.000, bedraagt de schenking voor de schenkbelasting: € 90.000 – € 58.000 = € 32.000. Dit wijkt door de forfaitaire berekeningswijze dus wel enigszins af van de contante waarde berekening.
Als econoom snap ik de bovenstaande redenering. Ik ben echter ook van mening dat iemand de keuze moet hebben om schuldenvrij te zijn. Sommige mensen houden nu eenmaal niet van schulden. En de omvang van de nominale schuld is vastgesteld (bij het overlijden). Dan ben ik van mening dat je die zou moeten mogen aflossen zonder fiscale gevolgen. Daar denkt de belastingdienst dus duidelijk anders over. Deze discussie is in de literatuur wel vaker gevoerd (1), maar ik ken geen jurisprudentie op dit gebied op één (mondelinge) uitspraak van Hof Leeuwarden uit 2005 (2) na. Dat ging over een zakelijk recht van gebruik en bewoning, waarbij de ouders naar een verzorgingstehuis moesten en er geen gebruik meer van konden maken. Er was daardoor geen verarming en de wil tot bevoordeling kon niet aannemelijk worden gemaakt. Daardoor was geen sprake van een schenking.
Het is nog maar de vraag of je die redenering door mag trekken bij aflossing van een niet-opeisbare schuld in geld. Immers, dat vormt wel een echte verarming. Of je kunt stellen dat de wil tot bevoordeling in dat geval wel aanwezig is, waag ik te betwijfelen. Maar we weten nu in elk geval hoe de belastingdienst er over denkt.
Kortom: wees alert als iemand vervroegd zijn schulden wil aflossen.
Dit artikel is geschreven op persoonlijke titel door Bert Driessen, fiscalist bij Full Finance Consultants. Voor vragen, neem dan contact op via 055-3559979 of mail naar b.driessen@fullfinance.nl
(1) Voor de geïnteresseerde lezer die een rekenkundige uitdaging niet schuwt verwijs ik naar het artikel van prof. Albert in WFR 2018/121
(2) Hof Leeuwarden, 21 januari 20-05, nr. 03/0786
Publicatiedatum: 24 maart 2026